Interim-management: ‘Elke dag is anders’

5 september 2019

Na een carrière van ruim 15 jaar als directeur van een woonzorgcentrum ging Zelzatenaar Johan D’Haene in juni 2016 bij Probis aan de slag als interim-manager. De geknipte persoon dus om een open, onbevooroordeelde blik te werpen op ouderenzorgmanagement anno – bijna – 2017.

Was ouderenzorg voor jou een vanzelfsprekende carrièrekeuze?

“Niet helemaal. Ik rolde na een opleiding bedrijfsmanagement eerder toevallig de ouderenzorg in. En kwam er tot de ontdekking dat het een sector is die mij 100% op het lijf geschreven is. Ik draag graag mijn steentje bij aan de zorg voor kwetsbare mensen. Mensen die tegelijk een bron zijn van wijsheid en dankbaarheid. Dat deze maatschappelijk zeer waardevolle sector voortdurend in verandering is, is voor mij een extra aantrekkingspunt.”

Binnen Probis ben ik actief als interim-manager: ik neem een directiefunctie waar, verleen managementadvies en coach directieleden. Een veelzijdig en uitdagend takenpakket. Elke dag is anders.”

Wat zijn de grootste verschillen met je vorige baan?

“Als interim-manager sta je net dat ietsje verder van een organisatie af. Dat maakt dat je meer gestructureerd en methodisch te werk kan gaan. Als ‘vaste’ directeur besteed je immers veel meer tijd aan het blussen van brandjes, en word je al eens meegevoerd door de waan van de dag. Een blik en een stem van buitenaf heeft vaak ook  meer impact, waardoor noodzakelijke verandertrajecten tóch een volwaardige kans krijgen.”

“Alle verschillende ervaringen die je als interim-manager opdoet, bundel je als het ware in je hoofd. Dat maakt dat je na elke opdracht telkens een ‘meer volledige’ manager wordt. Met een steeds groter wordende bibliotheek van best practices die je al naar gelang van de situatie op maat kan inzetten.”

“Als interim-manager sleep je daarbij geen persoonlijke geschiedenis mee. Daardoor kan je conflicten heel vaak op een neutralere en objectievere manier ontmijnen en aanpakken.”

Kijk je nu anders naar je werkveld?

“Zeker. Ik merk dat ik als interim-manager veel sneller ‘in de diepte’ ga. Via een aantal gestandaardiseerde tools breng je meer kerncijfers nauwkeuriger in kaart. Zo kijk je veel meer onderbouwd naar de sleutelprocessen in een organisatie.”

“Daarnaast ben ik nog meer dan vroeger alert op wat er op beleidsniveau allemaal besproken en beslist wordt. Als interim-manager moet je immers ‘mee’ zijn met alle nieuwe tendensen in en om de ouderenzorg.”

Welk onontgonnen groeipotentieel schuilt er, volgens jou, nog in de ouderenzorg?

“De verdere vergrijzing betekent sowieso ook een verdere groei van de globale ouderenzorgsector. Door volop werk te maken van ontschotting tussen residentiële ouderenzorg enerzijds, en thuiszorg, gehandicaptenzorg en geestelijke gezondheidszorg anderzijds, kan er nog heel wat winst geboekt worden. Zowel wat betreft efficiëntie, als zorgkwaliteit.”

“Ik merk dat veel organisaties ook effectief intensiever samen willen werken. Door netwerken te creëren met andere (zorg)actoren kunnen zij immers veel beter de vergrijzingsgolf opvangen en tegelijk toch kwalitatieve zorg en begeleiding blijven garanderen.”

“Al te vaak echter staan bestaande structuren die intensievere samenwerkingsverbanden in de weg. De creatie van een helder juridisch en financieel kader voor die samenwerkingen zou daarom zeer welkom zijn.”

Hoe zie jij de ouderenzorg de volgende jaren en decennia evolueren?

“Ik geloof heel sterk in kleinschalige projecten, zoals co-housing. De aankomende generatie ouderen zal immers veel minder geneigd zijn naar een ‘klassiek’ woonzorgcentrum te verhuizen. Tenzij het écht niet anders kan. Tegelijk is het zo dat voor ouderen die nood hebben aan minder en/of minder intensieve zorg, maar toch veilig en beschermd willen wonen, louter thuiszorg onvoldoende is.”

“Kleinschalige woonprojecten, waarin ouderen, mét ondersteuning van externe professionals, gedeeltelijk voor elkaar kunnen zorgen en elkaar zo voor vereenzaming kunnen behoeden, lijken mij een belangrijke pijler van de ouderenzorg van de – nabije – toekomst.”

Welke drie ‘lessen’ zijn je de voorbije maanden alvast het meest bijgebleven?

  1. Écht luisteren naar medewerkers levert heel vaak heel waardevolle informatie over een organisatie op.
  2. Zonder communicatie, geen verandering. Zo simpel is het.
  3. Dé sleutel tot succes? Zelforganisatie. Het kan niet altijd en niet overal. Maar als het wél kan, is het echt een geweldig instrument.
 

beeld-cc-consult-cmyk

CC Consult

lost organisatievraagstukken op bij lokale besturen en overheidsorganisaties
beeld-cc-select-cmyk

CC Select

ondersteunt bij de selectie van nieuwe medewerkers en de uitbouw van hun verdere loopbaan
beeld-probis-consulting-cmyk

Probis Consult

adviseert zorgvoorzieningen en diensten bij hun organisatie en financiering
beeld-vorm-cmyk

Vorm

vormt, traint en coacht bij zorg, welzijn en overheid
beeld-probis-consulting-cmyk

Probis plus

est une entreprise de services et de consultance innovante et spécialisée